Gemeente vonk

Boek: Heerlijk helder (Jan Hautekiet en Ann De Craemer)

“Heerlijk helder” is een klinkende uitdrukking in ons vakgebied. Maar wist je dat onnodig ingewikkeld taalgebruik zo oud als de straat is? Dit boek legt op amusante wijze de oorsprong bloot.

Over het boek

Intussen is ‘heerlijk helder’ goed ingeburgerd in ons vakgebied en is een beweging ontstaan van communicatoren die ijveren voor een zo helder en laagdrempelig mogelijk taalgebruik. Elk departement van de Vlaamse overheid maakte er in 2018 zelfs een actiepunt van.

Maar nog maar enkele jaren geleden was dat helemaal anders. Het Radio 1-programma Hautekiet ergerde zich aan wollige en onontcijferbare communicatie van vooral de overheid. Radiopresentator Jan Hautekiet en schrijfster Ann De Craemer – beiden germanisten – bonden de kat de bel aan en ondernamen actie om dat de wereld uit te helpen. Dit boek is daar een uitvloeisel van.

Inhoud

Dit boek is geen stijlgids. Het bevat ook geen praktische richtlijnen voor heldere teksten.

Extra zintuig voor “krommunicatie”

Wat is het dan wel? Het verhaal van “krommunicatie”: het wil de mechanismen achter dat soort taalgebruik blootleggen. En zo bij de lezer “een extra zintuig aanboren dat een alarm doet afgaan telkens als (die) een nodeloos ingewikkelde of hermetische formulering aanhoort – of er zelf een dreigt te gebruiken”.

Ben je wel naar praktische tips op zoek? Intussen vind je die op deze website van de Vlaamse Overheid.

In vijf hoofdstukken bekijkt het boek hoe het komt dat taalgebruik in vijf domeinen van de samenleving vaak zo onbegrijpelijk geworden is: politiek, gerecht, academische wereld, het bedrijfsleven en geneeskunde.

Indruk maken met managementspeak

Als interne communicatoren hebben we natuurlijk het meest te maken met managementtaal uit het bedrijfsleven. We gaan in deze bespreking dan ook vooral hierop dieper in.

In het Nederlandse taalgebied vind je in het boek Kaas van Willem Elsschot uit 1933 allicht één van de vroegste voorbeelden van managementspeak, gewichtige taal die kan helpen als je in bepaalde milieus indruk wil maken. In een hilarische passage gaat hoofdpersonage Frans Laarmans op zoek naar een geschikte naam voor zijn groothandel in kaas. Hij begint met KAASHANDEL maar komt uiteindelijk uit bij GENERAL ANTWERP FEEDING PRODUCTS ASSOCIATION.

Bobotaal in brieven en vacatures

Het gewauwel van managers krijgt in Nederland de benaming ‘bobotaal’. Het is een “merkwaardige fusion van elitaire standaardclichés over verbindend optimisme, doorspekt met geveinsde powertaal vol termen als ‘deliverables’ en ‘focus’”. Als voorbeelden hiervan denken we spontaan aan de brief waarmee ING in 2016 een grote ontslagronde aankondigde aan zijn medewerkers. Recenter was er de video over de herstructurering bij Carrefour. Of neem er gewoon even enkele vacatureteksten bij. Die blinken ook niet altijd uit in helderheid.

Het is de schuld van de consultant

Maar wanneer en hoe is die managementspeak ontstaan? Bij de overgang van de geïndustrialiseerde economie naar de kenniseconomie in de jaren 60 werden organisaties complexer. Ze legden meer nadruk op de betrokkenheid van medewerkers. Om organisaties en hun leiders bij die veranderingen te begeleiden, huurden ze consultants in.

Die introduceerden hun eigen specifieke beelden en taalgebruik in organisaties. Een voorbeeld: herstructureren, het eufemisme voor mensen ontslaan. Managers gingen dat gewauwel overnemen. Het typisch menselijke imitatiegedrag deed de rest: om erbij te horen gingen ook gewone werknemers die woorden overnemen.

Het is dus een copy-pastetaal of papegaaientaal, waarin alle menselijkheid en overtuigingskracht in ontbreekt. Kortom: gebruik ze niet! Dat blijkt ook uit wetenschappelijk onderzoek: een speech waarin concrete en heldere taal wordt gebruikt, komt veel geloofwaardiger over. Kijk maar even naar deze speech van wijlen Steve Jobs waarin hij de eerste iPhone onthult.

Termen in hun blootje

Als kers op de taart vind je onderaan elke pagina een woord waarvan de betekenis uitgehold is, met daarbij een bijbehorende verklaring die deze term vrolijk in zijn blootje zet. Gegrinnik en gegniffel gegarandeerd. Enkele voorbeelden:

  • Paradigmaverschuiving: werd meteen gevolgd door de Wablieft?!-tsunami
  • Opteren: wie ‘opteren’ kiest, opteert beter voor ‘kiezen’

Waarom moet je dit boek lezen?

  1. Het opent je ogen voor alle holle woorden die ongemerkt in je teksten en presentaties sluipen.
  2. Voor taalliefhebbers is het een heel amusante reis doorheen de geschiedenis van kromme taal.

Jan Hautekiet en Ann De Craemer, Heerlijk Helder, Polis, 159 p.

Gepubliceerd op  donderdag 14 maart 2019 09:00
Met de steun van